Glazen stolp

Ik leef sinds twee weken na lange tijd weer onder een stolp. Toen ik kinderen kreeg zag ik ook bijna niemand, kwam ik bijna nergens en speelde mijn leven zich voornamelijk af in mijn huis en op de kinderboerderij hier om de hoek. Een van mijn kinderen, ik zeg maar even niet welke, wilde daar altijd naartoe om naar het varken Fluffy te kijken. Nee, ik druk me niet precies genoeg uit. Wij moesten elke dag naar de kinderboerderij om naar de achterkant van het varken Fluffy te kijken. Jawel. Fluffy had namelijk tarrels en daar bleef de poep in hangen en het kind (Ik zeg niet welke) was daar mateloos door gefascineerd. ‘Mama, poep van Fluffy kijken!’ zei het ventje dan bijna elke ochtend na het ontbijt, amper anderhalf en daar gingen we weer, eerst in de kinderwagen, later hij op zijn loopfietsje. Hij werd boos als Fluffy het varken naar het hek liep. De bedoeling was immers dat het beest ons de kont toekeerde. Mateloos gefascineerd stond hij daar dan naar de vieze achterkant van het varken te staren. Ik denk dat ik heb verdrongen wat ik op deze momenten deed. Mezelf kennende stond ik er even gefascineerd naast. Het was dan ook een indrukwekkende bilpartij. Het dwarrelende touwtje met stront ertussen maakte het af, maar waarschijnlijk verzin ik nu de helft en wordt het verleden op deze manier een onoverzichtelijke kluwen feit en fictie, iets waar we ons allemaal schuldig aan maken omdat de oude poloroidplaatjes soms opnieuw moeten worden ingekleurd, omdat ze wel heel flets of onzichtbaar zijn geworden en soms verdienen de herinneringen het ook om opnieuw te worden ingekleurd en bijgekleurd.

Ik geef mijn hormonale brein de schuld van het troebele beeld. Mijn borstvoedingsbrein en wat daarna kwam, de glazen stolp waaronder alles langzamer gaat. De tijd, de gedachten. Er gebeurt zo weinig dat ik mij bewust word van mijn eigen ademhaling. Alle pijntjes merk ik op en laat ik los, de dagen kleven stroperig aan elkaar, zonder duidelijk begin en eind, want er is geen deadline, geen naartoe-leef-moment. Er is alleen maar zijn. Er werd op de rem getrapt, niet door een instructeur maar door een baby, een peuter, de omstandigheden, alles rondom de baby. Er is alleen maar nu. Eenmaal onder de stolp vandaan neemt het leven weer zijn beloop. Dan is de baby in de wereld gezet en raakt alles met elkaar vermengd.

Sinds ik een puppy heb begeef ik mij van huis naar bos en weer naar huis. Tussendoor spelen wij, trekken wij kartonnen dozen aan stukken en slaapt ze op mijn schoot. Er is weer een glazen stolp over mijn leven geplaatst. Ik kan de andere kant zien, er is communicatie mogelijk met daarbuiten, maar zo maar even langswippen en een biertje op een terrasje doen zit er vooralsnog niet in. Daar is het mini-hondje nog niet aan toe. Om van alleen thuisblijven maar te zwijgen. Ze kleeft aan mij als plakband. Ligt lekker te slapen maar volgt me, slaapdronken struikelend op d’r kleine pootjes, naar de wc als ze merkt dat ik ben opgestaan. Ik hou ook van jou, kleine drol en ik laat je niet in de steek. We zijn aan het oefenen met kleine beetjes alleen zijn, vandaag tikken we de twee minuten aan en morgen ga ik de voordeur open en dicht doen. Ik verwacht in het jaar 2025 een half uurtje zonder haar naar de supermarkt te kunnen. Ik denk dat ze al alleen in haar mandje durft te slapen ergens in 2023.

Die glazen stolp is een intrigerend fenomeen. Iemand die uitgeschakeld is door ziekte en vanaf de bank het leven buiten gadeslaat. Iemand die net een kind heeft gekregen, een puppy in huis heeft genomen. Afgesneden van de vaart der volkeren, noodgedwongen pas op de plaats. Van vierkante kilometers naar vierkante centimeters, microleven. Het kan benauwend werken als je je ertegen verzet, de randen van de afscheiding weliswaar van glas maar uiteindelijk even belemmerend als verzonken beton. Opgesloten is nou eenmaal opgesloten, evenveel stappen naar de rand onder glas als onder een koepel van zwart. En toch is er verschil. Alleen met je gedachten kan verstikkend zijn, zoveel tijd om naar buiten te staren, als je een neiging tot piekeren hebt helemaal. Mensen vluchten in de wereld om niet alleen te hoeven zijn met zichzelf, hun gevoel en gedachten liever afgeleid door drukte, verkeer, moeten. Dan is de glazen stolp zoals mevrouw Plath hem ervoer: alsof alle zuurstof langzaam uit je lijf wordt gezogen. Alleen in en met je hoofd kan verschrikkelijk zijn. Maar als je zoals ik (mag ook wel eens op mijn leeftijd) de schoonheid van het niets en de leegte kan zien is deze doorzichtige koepel een onverwacht cadeau. Geen simpele opgave om te moeten verstillen terwijl je juist wilde optrekken. Om al je energie, tijd en focus in te zetten voor iets dat buiten jezelf ligt, althans niet voor mij. Maar als ik me dan eenmaal aan de dagen van leegte heb overgegeven voel ik de stilte over mijn gedachten glijden als een zijden sjaal. Vederlicht. Verwacht geen scherpte van mij hier onder mijn glazen stolp. Alles is licht en langzaam. Ik kijk naar het hondje hoe ze slaapt, kijk dan naar buiten en zie de kauwtjes kibbelen. Binnenkort doe ik weer mee. Als de hondenbaby klaar voor de wereld is.