Bom

Gelukkig nieuwjaar wens ik jullie en de buurjongens wens ik ook gratis nieuwe ruiten, deuren en de helft van hun meubilair omdat die allemaal naar de gallemiezen zijn geblazen door een gigantische bom die gisterenavond om 20.00 uur tegen hun achtergevel werd geplaatst. De tanden klapperden in mijn mond, ik zat aan de andere kant van het huis, boven, de ruiten rinkelden, ik schreeuwde het uit, in doodsangst ja, en mijn zoon ‘voelde zijn gamestoel trillen maar dacht er verder niks van’. Ik heb nog nooit zoiets gehoord en gevoeld en geloof me, ik heb veel meegemaakt in deze wijk, twee jaar geleden nog werd met oud en nieuw het hek om onze achtertuin eruitgerukt en de hele tuin inclusief meubilair vernield, en kregen dezelfde buurjongens als bij wie nu een bom is ontploft een gelijksoortige behandeling. Nu ik erover nadenk, vorig jaar ging er bij hen nog een steen door de ruit en was er een poging tot inbraak daar. Studenten hè, onfris volk.

Ik heb ook niks verder van een vuurwerkverbod gemerkt, het was al vroeg onrustig, zeg maar, inclusief alle dronken samenscholingen, maar dat even terzijde. Nou ja, niet helemaal terzijde want toen ik om 02.00 uur des nachts wakker schrok dacht ik in eerste instantie dat er nog restjes jeugd met te veel testosteron op straat aan het oefenen was om auditie te doen voor het koor van de plaatselijke Z-side, maar bleek de volgende ochtend dat ze allang waren aangenomen in het hooligancollectief. Mijn man had tot 06.00 uur beneden gezeten, om het uur op patrouille door de brandgang en op straat en het plein voor ons huis, met het mentale uniform dat hij 28 jaar geleden ook droeg daar in die Servische enclave in wat nu Kroatië is, toen hij er met de Verenigde Naties gelegerd lag. Arme man. Hij had de vuren op straat zien groeien, hier in de buurt dus, niet daar, de mensen uit de omliggende wijken er zich naartoe zien bewegen. Hij had gezien hoe de politie probeerde de mensen uit elkaar te jagen, de brandweer tevergeefs pogingen deed de vlammen te blussen en het schorriemorrie op hun beurt hun best deed dit tegen te gaan. Gelukkig was daar de ME en toen kwam het nog soort van goed. Dit was om 02.00 uur.
Mijn man had de jeugd bij de achterdeur van de studenten gezien toen ze werden verdreven en ze daar weggejaagd (de buurjongens waren er niet), had toen gezien dat de achterkant van hun huis er half uit lag, dat de tuindeur was geforceerd en toen om half drie de bel was gegaan had hij met de geschrokken buurjongens gesproken en ze proberen te kalmeren. De politie kon niet komen want die was bezig de rellende jeugd 10 meter verderop tot kalmte te manen. Er zat niks anders voor de studenten op om te gaan slapen in hun woning zonder achterramen en met deuren die half uit hun kozijnen hingen. Die politie kwam de volgende dag tegen het middaguur. Ook bij ons.

De politieagente vroeg enigzins verbaasd waarom wij niet hadden gebeld toen we die enorme bom pal naast ons huis hadden horen afgaan en mijn man en ik hadden elkaar aangekeken. Ja waarom hadden we dat niet gedaan? En weet je wat wij ons allebei op dat moment realiseerden? Dat geweld en terreur steeds een nieuwe nullijn krijgt, eentje die ongemerkt opschuift, met zulke incrementele stapjes dat je er niet of nauwelijks bewust van bent. De normalisering van geweld, lieve mensen, dat is wat er bij ons is gebeurd en ik keek de politieagente aan en zij knikte. Ja, zei ze, dat is wat er op zulke plekken vaak gebeurt. En je sluit je er voor af, dat ook, zoals de buren deden toen een jaar of 12 geleden de overbuurman zijn vrouw buiten als boksbal gebruikte. De mensen sloten letterlijk hun ramen en luxaflex. Ze sloten het geweld buiten. Ik heb er lang schande van gesproken, ik had ingegrepen en de wrange vruchten van mijn daad mogen plukken, maar ik begin de dynamiek te begrijpen. Het is soms de enige manier om overeind te blijven.

Of ze iets voor ons kon betekenen, vroeg ze. We schudden allebei ons hoofd. Nee, je kunt niks voor ons betekenen. Tenzij je ervoor kunt zorgen dat het geweld stopt of dat wij een grote zak geld krijgen en daarvan een nieuw huis dat niet in deze wijk ligt kunnen kopen. Nee, geen gesprek met opbouwwerkers of de wijkagent, als het niks oplost liever de luiken dicht.

De agente vertrok en de zoon kwam beneden. Hij had door alles heen geslapen. Bless his cotton socks.