BORSTJES

Ik was laat met alles. Laat ongesteld. Laat geïnteresseerd in welk geslacht dan ook. Laat met borsten. Terwijl sommige vriendinnetjes opgewonden verhaalden over grote jongens en wat ze daar allemaal mee deden, schreef ik treurige gedichten in mijn dagboek en plakte ik gedroogde bloemen uit mijn herbarium naast zelfbedachte overlijdensberichten. Oké, dat laatste heb ik verzonnen. En toen, naar het nu voelt overnacht, kwamen die tieten. Van nul tot hatsikedee in een nanoseconde. Ik trok dat bijzonder slecht. Dus tapete ik ze af, bond er zwachtels omheen zodat ze niet opvielen. Wat ze sowieso nauwelijks deden in de trui waar ik in woonde, maar dat terzijde. Die borsten, wat een catastrofe!

Op mijn 21 werden ze onder narcose een paar kopjes/cupjes kleiner gemaakt. Dolblij was ik, dit was ware vrijheid! Maar helaas, niet elk sprookje loopt goed af en zo ook dit verhaal over mijn borsten niet. Een jaar later kwam ik bij de plastisch chirurg voor een nacontrole. Bloot van boven stond ik voor hem. In extase probeerde hij mijn borsten te omvatten. ‘Ik zie dat ze weer zijn teruggekeerd naar hun oude staat! Sommige borstjes willen nou eenmaal niet veranderen!’ Hij klapte verrukt in zijn handen.

En daar stond ik dan. In mijn oude staat, maar met verse littekens, een beetje naakt te wezen voor een doorgedraaide chirurg die blijkbaar van grote borsten/borstjes hield.