Dankbaarheid

Mijn meestbeluisterde liedjes in shufffle mode in mijn oren, als een perpetuum mobile steeds maar weer hypnotiserend hetzelfde in wisselende volgorde, ik doe mijn ogen een paar keer dicht uit puur genot en merk hoe een glimlach zich op mijn lippen vormt. Ik zit in de trein, rij Lelystad binnen, Hallo Jumbo en zie dat de meneer met het bruine gezicht nog steeds ongehinderd en ongegeneerd naar me zit te staren. Zal ik naar hem knipogen? Zal ik mijn ogen tot spleetogen maken en mijn tong uitsteken of mijn middelvinger opsteken? Dat laatste niet, laat hem maar lekker staren. De Italianen in de vierzitter hebben niet door dat ze in een stiltecoupe zitten of misschien interesseert het ze maar matig. Mij interesseert het ook niets, Craig Cardiff zingt over Lenny Bruce en Lelystad ligt alweer achter mij.

Het zijn dit soort momenten dat ik me dankbaar voel, dankbaar om te leven, dat ik kan zien hoe iemand zijn boterham eet, hoe iemand al minuten naar me loert en hoe mijn tas alleen maar mooier wordt naarmate hij ouder wordt. Dankbaar dat ik horen kan, mijn veilige playlist die me elke keer weer geruststelt en opwekt, dat ik de Italianen kan afluisteren als ik dat zou willen, hoeveel zou ik nog verstaan na al die jaren? De Jeugd van Tegenwoordig vraagt waar de sletten zijn en ik kijk om me heen, wiebel wiebel met die tieten. Ik moet me inhouden niet te gehoorzamen. Dankbaar dat ik hier ben, besta, dankbaar dat ik liefde heb gehad en heb, dat er mensen zijn die om mij geven, dat er mensen zijn waar ik om geef, dat er mensen zijn die mij bovenmatig boeien.

Ik sluit mijn ogen weer, luister naar Zaz en zie door de kiertjes van mijn wimpers hoe ik het station van Almere binnenrol.